top of page

Een potje pindakaas - een potje janken.

  • Foto van schrijver: Manja
    Manja
  • 15 apr 2024
  • 4 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 12 mei 2024

Ik trek de deur open en laat mijn blik door de koelkast glijden. We hebben echt he-le-maal niks meer in huis. Terwijl mijn buik knort pak ik de pot pindakaas en draai de deksel er af, ik werp een blik in de pot en zie dat ook deze zo goed als op is. 


Ik plof neer aan de eettafel, waar ik June bovenop heb gezet in haar baby nestje, de moedermaffia vindt hier vast wat van, denk ik bij mezelf en ik grinnik. Met mijn mes in mijn hand probeer ik het laatste beetje pindakaas uit de pot te krijgen, mijn hele hand verdwijnt er in en als ik hem eruit haal zit er meer pindakaas aan mijn hand dan aan het mes. Ik lik mijn hand af en smeer mijn halfbevroren boterham met de rest van de pindakaas.  


Al kauwend besef ik me dat ik aan elkaar hang van boterhammen met pindakaas. Ik kijk van June, naar de klok, naar mijn bord, en zucht. Je zou toch beter voor jezelf zorgen? Denk ik bij mezelf. Je eet nu al dagen op een rij niet gezond. Ik besef me dat ik echt boodschappen moet gaan doen, en als ik iets normaal gesproken al haat is het boodschappen doen, maar ik ben als de dood hoe dit gaat met een pasgeboren baby. Ik kijk naar June die lekker ligt te chillen en te bewegen. 


Ik werp nog een blik op de klok, als ik het goed time dan kan ze hopelijk nog drinken voordat we gaan en kan ze slapen wanneer we terugkomen. Maar in mijn hoofd creëer ik al een heel scenario van mezelf in de supermarkt met een krijsend kind en ik voel de neiging om maar gewoon veilig thuis te blijven. 


Ik schrijf resoluut pindakaas op mijn boodschappenlijstje en sta op me klaar te maken.


Voordat we vertrekken probeer ik June nog even te laten drinken, ze pakt mijn aanbod gelukkig gulzig aan. Ok, I got this, denk ik bij mezelf. June aangekleed, check. Mama aangekleed, check. June gedronken, check. Boodschappenlijstje, check. Een window van ongeveer een uur, let’s go. Ik probeer mezelf een peptalk te geven, maar ondertussen voel ik me super zenuwachtig om de deur uit te gaan. 

..


Aangekomen bij de supermarkt wikkel in June in de draagdoek, ik pak een karretje en terwijl we door de rijen heen bewegen valt June al vrij snel in slaap. We zijn een bezienswaardigheid en iedereen is helemaal verliefd op de aanblik van deze schattige baby bij mama in de draagdoek. 


Ik lach lief naar iedereen en beantwoord alle vragen, ze is 5 weken, ja lief, ja ze slaapt. Maar in mijn hoofd is stresslevel 100 alweer bereikt. Want hoe ga ik dit zo doen? 

..


De boodschappen staan in de auto. Even overweeg ik om June in de draagzak te laten zitten en zo naar huis te rijden. Maar ik besluit toch dat dat wel een beetje onverantwoord is. Dus ik ga de uitdaging aan om haar in het autostoeltje over te zetten. Wie weet slaapt ze wel rustig verder. 


Ik knoop rustig de draagdoek los en til haar zachtjes omhoog. Ze schrikt meteen wakker. ‘ Rustig maar meisje, we gaan lekker in de auto zitten en daar mag je lekker verder slapen’. Ze kijkt me aan met een blik  van, wat denk je zelf, opent haar mond en zet het op een krijsen. Echt zo een waarbij haar hele gezicht meedoet.


Ik probeer rustig te blijven maar haar gehuil raakt me nog steeds in mijn hele lichaam en ik voel mezelf verstijven. Zo relaxed als ik kan zet ik haar in de auto stoel. 


De hele weg naar huis huilt ze, krijst ze. Mijn stress levels zitten tegen het auto dak.


Thuis aangekomen moeten de boodschappen nog de trap omhoog en een aantal dingen moeten snel de vriezer in. Ik besluit om June nog even in de auto stoel te laten zitten en ren de trap omhoog met 2 zware tassen. 


Boven aangekomen luister ik met een half oor, June huilt, gehaast pak ik alle boodschappen uit.


Snel snel pak ik een grote pot glazen pindakaas uit de tas. Ik hou mijn adem in en ik voel hoe deze uit mijn hand glipt, als in slow motion zie ik de pot in 1000 stukjes kapot vallen op de grond. En daar gaat mijn sanity, ook in 1000 stukjes. Ik voel de tranen omhoog komen.


Geen tijd vriendin, je kind zit beneden te huilen. Ik ren terug naar beneden en haal June uit de auto. ‘Kom maar meisje, ik ben er, ik ben er, je bent niet alleen’. Met tranen in mijn ogen pak ik haar uit de autostoel en als ik haar in mijn armen heb barst ik in huilen uit. Zo staan we daar samen een tijdje, June inmiddels rustig, ik huilend.

..


Als ik goed en wel op de bank zit heb ik even ontzettend veel medelijden met mezelf. Ik heb wat support nodig en besluit een vriendin te appen: 'Ik had een krijsende June en allerlei boodschappen die in de vriezer moesten, en een kapot gevallen pot pindakaas.'


'You survived 💪🏻', zegt ze. 


Ik staar er even naar, ik weet niet zo goed wat ik er van moet vinden. Maar dan borrelt er een glimlach naar boven.


Ze heeft ook gelijk, er zijn echt ergere dingen.

Babies huilen. Potten pindakaas vallen kapot. 


I survived.

Recente blogposts

Alles weergeven
Leren slapen, of geborgenheid?

[Een verhaal over slapen, verbinding en co-regulatie. Toen June nog in een ledikantje sliep en we nog geen vloerbed hadden] De zon is net...

 
 
 

Opmerkingen


Lief mens!

Heb je een vraag of opmerking of wil je gewoon iets delen?
Vul onderstaand formulier in en je krijgt zo snel mogelijk een reactie!

* je krijgt alleen antwoord op je vraag, geen spam, beloofd!

© 2035 by Turning Heads. Powered and secured by Wix

bottom of page